De Deadbug is een superhandige oefening om je core, ruggengraat en rugspieren sterker te maken, waardoor je minder last krijgt van lage rugpijn of het zelfs kunt voorkomen. Deze oefening werkt ook aan de andere kant (tegenovergestelde arm en been), wat lijkt op hoe we rennen, omdat we onze tegenovergestelde arm en been naar voren bewegen als we een pas zetten tijdens het rennen.
Om te beginnen moet je plat op je rug gaan liggen met je knieën omhoog, zodat er een hoek van 90 graden ontstaat tussen je lichaam en je dijen, en nog eens een hoek van 90 graden tussen je dijen en je schenen. Je armen moeten in een hoek van 90 graden omhoog zijn gestrekt. In deze positie moet je je onderrug naar beneden en tegen de grond drukken, zodat je de natuurlijke holte in je rug goed laat zien. Strek dan je andere arm en been helemaal uit, net boven de grond, en breng ze dan weer terug.
Tijdens deze beweging moet je je concentreren op je core en je rug naar beneden en tegen de grond drukken. Een veelgemaakte fout bij Deadbugs is dat je de beweging te snel doet en daardoor de controle over je core kwijtraakt. Dit moet een langzame en gecontroleerde beweging zijn waarbij je vooral baat hebt bij de tijd dat je de spieren gespannen houdt - de tijd dat je de gestrekte positie vasthoudt en de beweging uitvoert. Met een hogere snelheid gaan maakt deze oefening niet effectiever.
